In januari voelen veel kinderen zich anders.
Ze zijn sneller moe, sneller prikkelbaar of trekken zich wat terug. Dat heeft alles te maken met het seizoen: minder licht, kou en een lange periode binnen zijn.
Dit wordt soms een winterdip genoemd — en daar kun je op een zachte manier mee omgaan.
1. Wat is een winterdip bij kinderen?
Een winterdip hoeft niet groots te zijn.
Het uit zich vaak in kleine signalen:
-
sneller overprikkeld
-
minder concentratie
-
weinig zin in dingen
-
sneller boos of verdrietig
Dit is een normale reactie op het seizoen.
2. Knutselen geeft rust in het hoofd
Creatief bezig zijn helpt kinderen om te ontladen.
Door met hun handen bezig te zijn, verleggen ze hun aandacht van denken naar doen.
Dat werkt kalmerend en geeft ruimte in het hoofd.
3. Van binnen naar buiten
Tijdens knutselen kunnen kinderen gevoelens verwerken zonder woorden.
Ze kiezen kleuren, vormen en materialen die passen bij hoe ze zich voelen.
Dat maakt knutselen een veilige uitlaatklep.
4. Kleine momenten maken verschil
Je hoeft geen lange knutselsessies te plannen.
Een kort creatief moment kan al genoeg zijn om de dag lichter te maken.
Juist die eenvoud maakt het haalbaar.
5. Samen knutselen versterkt verbinding
Samen iets maken zorgt voor nabijheid.
Die verbinding geeft kinderen een gevoel van veiligheid — precies wat ze in de winter nodig hebben.
De winter vraagt om zachtheid.
Door ruimte te maken voor creativiteit help je je kind om zich prettiger te voelen — zonder druk of verwachtingen.